Zoeken in deze blog

zondag 19 juli 2026

Succes hangt af van je eigen inzet

 

Succes hangt af van je eigen inzet




Ik ben blij en trots op mijzelf. Ik was al een paar dagen aan het proberen om op mijn nieuwe laptop de printer te installeren. Het is mij vanmorgen gelukt, evenals de Wifi verbinding. Ik weet nog wanneer ik tijdens mijn werk een probleem niet tijdig opgelost zou kunnen krijgen, ik het een poosje liet rusten. Het gekke was, dat het daarna wel lukte. Zo ook met het installeren van de printer. De volgende dag, of het latere moment kijk je er vaak met een frisse en andere blik naar. En… ik geef niet gauw op.

Ik vind het ook leuk om op een computer iets te proberen, iets uit te vinden. En ben niet bang om fouten te maken. Ik heb dat altijd gedaan. Bovendien van je fouten kun je leren. Op mijn werk hing een bordje met de spreuk: “Wie werkt maakt fouten, wie niet werkt maakt geen fouten”.

Er was een tijd dat alles vanzelfsprekend ‘wij’ was. Iemand in de buurt waaraan je iets kon vragen. Dat was weleens makkelijk, hoewel ik het zelf altijd eerst probeerde. Na tweeënveertig jaar Huwelijk hield het tweezijn ineens op. Niemand naast je om iets aan te vertellen. Dat was wennen. Het ‘wij ‘werd ‘ik’. Alles alleen doen. De (zware) container buiten zetten bijvoorbeeld. Ik noem dit vaak als eerste, omdat ik er een hekel aan heb. Oliepeil van de auto controleren, de banden ervan oppompen, mijn fiets nakijken en een band plakken. Allemaal klusjes die voor mij werden gedaan, omdat bij tweezijn ongemerkt de taken zijn verdeeld.

Hoewel er wel meer taken zijn die ik nu als single moet doen, is elk proces een gewenning. En problemen, of lastige dingen worden nu ook opgelost. Single zijn betekent ook het heft in eigen handen nemen. Het alleen-zijn beleven kost tijd. Inmiddels ervaar ik ruimte. Vooral ruimte om gelukkig te zijn in mijn alleen-zijn. Met alle mogelijkheden om die ruimte in te vullen. Er is geen stilte meer.

“Wie leert lopen op eigen voeten, kan verder komen dan hij dacht”

 

zondag 28 juni 2026

Ondraaglijke hitte en een verrassend gesprek

 






Een verrassend gesprek


Ondraaglijke hitte. Het is weer het weer. Niets anders wordt zoveel besproken. Om een gesprek te beginnen, om te klagen, om te zeggen hoe heerlijk het weer weer is. Het weer is altijd wel een aanknopingspunt voor een praatje. Tegen een voorbijganger. Tegen een vreemde. In de winkel, of waar, of tegen wie dan ook. In het voorbij gaan: Mooi weer hè! en… Koud hè! Op elk moment, op elke plaats. Je kunt het zo gek niet bedenken.

Maar op dit moment is het allerminst koud. Code rood in het gehele land. Hitterecords in Nederland en Europa. Zelfs mijn laptop had het een week geleden begeven. Maar dat kwam niet door de hitte. Op dit moment van schrijven op deze vroege zondagochtend, na hevige onweersbuien afgelopen nacht, is het voldoende afgekoeld om deze laptop in te wijden met mijn blog.

Om toch iets aan beweging te doen stapte ik afgelopen dinsdagmorgen om half acht op de fiets. Het was nog heerlijk koel. Aangenaam voelde het aan. Afkoeling vind je bij warm weer dikwijls aan het water, Op dit eiland, de Hoeksche Waard, hoef je daar niet ver voor te gaan. Ik nam plaats op een bankje aan de rivier de Dordtse Kil. Ik houd van de bewegingen op het water. Diverse schepen te zien, die verschillende goederen vervoeren. Plezier jachten waarop mensen luierend liggen op het achterdek en soms zwaaien naar mensen op de wal. Net zoals op stations mensen in treinen te zien aankomen en vertrekken. Ieder met een eigen verhaal, waar ik alleen maar over kan fantaseren. Fantaseren over verhalen van mensen met grote koffers, verliefde stelletjes, oudere echtparen. Mensen met een aktentas op weg naar het werk? Bij het volgen van dit alles kan ik mij nooit vervelen.

Een hond kwam naar mij toegelopen en ging zuchtend aan mijn voeten liggen. Even later kwam de eigenaar naast mij zitten Hij wees naar de witte labrador aan mijn voeten. “Zij heeft het ook warm.” En natuurlijk ging het over de hitte en het warme weer wat ons deze week nog te wachten stond. Opeens merkte hij op: “Jij komt hier ook niet vandaan?” Deze vraag wordt mij wel vaker gesteld. Klaarblijkelijk zijn enkele aspecten van het dialect uit de regio Salland niet geheel verdwenen. Er ontsproot zich een leuk gesprek tussen ons over onze afkomst. Veelal herkenning van de omgeving, de plaatsen, de natuur en dat rivier de IJssel zo’n mooie plek is om aan te vertoeven. Zijn moeder bleek afkomstig te zijn uit Zutphen, zijn vader uit Vlissingen. Hij was geboren in Ommen. Evenals ik had hij na zijn jeugdjaren nog gewoond in Zeeuws Vlaanderen. Hij kende mijn vroegere woonplaats Philippine goed. We bleken allebei meer van de weidsheid en het water te houden dan van de bossen. Hoewel de regio Salland en de Achterhoek natuurlijk ook prachtig zijn. Daar waren we het ook wel over eens. En… last but not least: Hij blijkt in dezelfde woonplaats te wonen als ik. 

Afijn, hoe interessant en leuk ons gesprek ook was, het werd te heet voor mens en dier. We zaten in de volle zon en er was weinig wind. We namen afscheid.  Zijn woorden: “Misschien komen we elkaar nog eens tegen.” 

Het was in elk geval een spontane, verrassende ontmoeting. Een leuk gesprek vol met herinneringen, wederzijdse herkenningen door onze geboortes in dezelfde streek en de gebieden waar we gewoond hebben.   


 

      

 

donderdag 14 mei 2026

Dauwtrappen en afscheid Frankrijk, Propiac

 

Dauwtrappen



Letterlijke betekenis: “In de vroege ochtend op je blote voeten lopen over het nog vochtige gras door de nog aanwezige dauw”.  Terwijl ik hier in mijn woonkamer zit te schrijven, tikt de regen tegen de ramen, waardoor mijn ochtendwandeling letterlijk in het water valt. De tijd is voorbij dat ik de stoute schoenen aantrok en gehuld in regenkledij toch op pad ging. Ik heb er geen zin meer in. Ik wacht wel tot het droog wordt.

De laatste keer, dat ik in de heel vroege morgen met blote voeten over het gras liep, was in het zuiden van Frankrijk tien jaar geleden. Het was fris, maar niet zo koud zoals de temperatuur op dit moment aanvoelt. Dauw komt in de zomer in het zuiden van Frankrijk niet zo vaak voor. Maar die nacht had het geregend en de laaghangende wolken hingen nog tussen de heuvels. De zon zou echter dit alles snel oplossen, want het beloofde weer een warme dag te worden. Mijn terugreis naar Nederland stond die dag gepland. Het was een dag van afscheid. Mijn (ons) huis verkocht en nieuwe eigenaren stonden op de drempel van hen pensioen gerechtigde leeftijd om evenals wij van dit huis en de omgeving te gaan genieten. Ik gunde het hen van harte, want na de eerste kennismaking voelde het goed om het huis aan hen over te dragen. De auto tot aan de nok toe volgepakt met de laatste spullen. Voor het definitieve afscheid liep ik nog eens door het huis. Herinneringen aan belevenissen in mij opnemend en tevens wensend het te willen vasthouden. Buiten was het stil, enkel het geluid van de vogels, zelfs de krekels hielden zich nog rustig. Ik hoorde het zachte kabbelen van het water in het bijna droge riviertje aan de overkant van de weg. Ik trok mijn slippers uit en liep met blote voeten over het nog vochtige gras. Ooit eens gelezen dat de dauw een magische en helende werking zou hebben. Ik wilde vooral die verbinding met de aarde, deze plek, tot in alle vezels van mijn lijf voelen en bewaren in mijn herinneringen. Een afscheid voor altijd.

 

Dauwtrappen, deze eeuwenoude traditie is vooral bekend in de Achterhoek, Salland, Twente, Overijssel en in het Zuiden van het land. Boswachters organiseren natuurwandelingen op de Veluwe en in de bossen. Al eerder schreef ik hier, dat mijn roots in de regio Salland liggen, in het dorpje, toen nog niet zo groot, Schalkhaar en later in Deventer. Als tiener, veertien jaar, zou ik met een vriendengroepje op Hemelvaartsdag gaan dauwtrappen. Niet wandelen, maar op de fiets naar de Veluwe was het plan. Dagen tevoren er al naar uitzien en maar hopen dat het niet zou regenen. Het was een gure dag en al onze plannen gingen jammer genoeg niet door. Een vriendje waar ik verliefd op was zou ook van de partij zijn. En da het niet door ging, was wel het ergste, dat voor mijn gevoel door het slechte weer mij moest overkomen. Hoe verliefd kun je op die leeftijd zijn. Het jaar daarop was het stralend weer en vertrokken we om acht uur richting de IJssel, met het pontje over en over de dijk langs de IJssel richting Vaasen, naar Epe en tenslotte naar de watervallen in Loenen. Hilarisch, maar ook knap vervelend was, dat een meegenomen fles Exota in de fietstas door de koolzuur was opengebarsten. Als kind had ik met mijn ouders deze route vaak gefietst. Dat was toen onze vakantie.

Al met al hoop ik, dat deze dag voor alle dauwtrappers toch nog een aangename en vooral droge dag wordt.  

 

zondag 12 april 2026

Het leugenbankje en de Schrijver

 

Het leugenbankje en de Schrijver



Bijna iedereen kent het wel, een plek in het dorp waar senioren/gepensioneerden samenkomen om het laatste nieuws, of de dag door te nemen. Meestal zijn het mannen. Weduwnaars, of mannen die hun echtgenote tevens de vrijheid gunnen om haar eigen ding te doen. Tenminste, dat idee hoop ik dan maar. Want na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd breekt er voor beiden een andere levensfase aan. Een nieuwe invulling geven aan het leven en in de relatie. Dat is voor sommige relaties vaak even wennen en vergt opnieuw aanpassingen.

Vlakbij het plein in het dorp waar ik dikwijls naar de Supermarkt ga, staan twee bankjes in een driehoek. Iedere keer wanneer ik naar het plein loop, kom k er langs. Vaak zijn beide bankjes bezet. Sinds een jaar schuif ik weleens bij hen aan. De namen weet ik niet, maar in gedachten noem ik een man met altijd een pet op en doorgaans verhalen over zijn schip verteld ‘de schipper’, een man met een stropdas om  ‘directeur’, een immer alles uitleggende man, intellectueel’, een man met zijn haar in een paardenstaart , hippie’, en de man met een blocnote ‘schrijver’.

Een jaar geleden in Mei, de zon scheen, het was een heerlijke temperatuur, waarop ik bij het passeren tegen de mannen op de bankjes de geijkte opmerking over het weer maakte: ‘Lekker hè hier in het zonnetje’. De aanleiding voor een praatje was geboren en ik ging op een hoek zitten naast een man die zat te schrijven. Stilzwijgend zat hij naast mij, terwijl de gesprekken gewoon doorgingen. Het intrigeerde mij. Op mijn vraag waarom hij schreef, was zijn antwoord: “Ik hou van schrijven, maar ook van een verhaal maken. Niet alleen wil luisteren, maar ook omdat ik wil begrijpen. Wil aanvoelen en verstaan en het waarom de verhalen en meningen geuit worden.” Ik dacht hem te begrijpen. Ik legde het hem uit in mijn eigen woorden. “Doordat je gedachten omgezet worden in uitgesproken woorden geef je het vorm. Vaak ook voor jezelf. En door het op te schrijven in eigen woorden, wordt het een blijvende herinnering in een eigen verhaal met het begrip en het waarom men dit aan elkaar vertelt.”

De waarheid zit niet in wat men zegt, maar waarom men het zegt.”  De schrijver.

Vanmorgen liep ik langs de vijver voor het Gemeentehuis. Zoals wel vaker het geval is, zaten er nu ook een aantal mannen te vissen. Alleen mannen. Vrouwen heb ik er nog nooit gezien. En toch zullen er wel dames zijn, die van deze volkssport genieten.  Een sport waarvoor je eindeloos geduld moet hebben. Soms vraag ik weleens, of er al wat gevangen is. Waarop dikwijls het antwoord volgt van “Nee, nog niet!” Laatst kwam ik in de vroege morgen een jonge knul tegen op het Schelpenpad langs de Vliet. Hij duwde een volgeladen kar voort waarop allerlei benodigdheden om te vissen. Hij vertelde dat hij de nacht had doorgebracht langs het water en nu naar huis ging om te slapen.

Zo ongeveer veertien dagen geleden wandelde ik langs dezelfde vijver en zag een ganzenechtpaar met maar liefst elf kuikentjes. Vanmorgen was het ouderpaar luidruchtig aanwezig, mede door de bedrijvigheid van al die vissende mannen rond het water. Behoed maar eens elf jonge gansjes voor gevaar en houdt ze bij elkaar. Leuk om dit schouwspel op een afstand te volgen. “I love it.” En ja het Engels wordt steeds meer verweven in onze taal. Zelf vind ik het soms ook leuker klinken, of soms beter in uit te drukken. En natuurlijk door films en muziek wordt een andere taal ook vertrouwder. Toen mijn vriend in onze verkeringstijd terugkwam van een reis uit Noorwegen zei hij: “Jeg elsker dig.” Ik hou van jou. Net zoals ‘I love you en ‘Je t’aime’ vind ik het in een andere taal toch leuker klinken. Vooral in het Frans klinkt het wat lieflijker. Frans wordt niet voor niets de taal der liefde genoemd. En misschien klinkt in de moedertaal ‘ik hou van jou’ minder magisch. Wanneer wordt gezegd bijvoorbeeld: ‘Ik vind je lief’, dan klinkt het toch wat speelser en niet zo hard.

Of zoals een quote in Het Frans:

Chaque jour je t’aime davantage, aujourdhui plus qu’hier, et bien moins que demain

Elke dag hou ik meer van je, vandaag meer dan gisteren en heel wat minder dan morgen.

Rosemonde Gerard  

 

zondag 29 maart 2026

Warmte in handen gevangen

 

Klok en de tijd



Bij het wakker worden deze ochtend keek ik op mijn wekker en zag, dat het half zeven was. Half zeven? In mijn gedachten en gevoel voelde het veel te vroeg. En dat was het natuurlijk ook! Eigenlijk was het half zes, maar nu…, op deze zondagmorgen eind Maart, was het  oude tijd! Even wennen dus aan die nieuwe tijd, maar ook aan de temperatuur. Koud in de slaapkamer toen ik uit mijn warme bed stapte. Langzamerhand werd het licht en ik zag de witte daken. Eénmaal terug in bed het dubbelgevoel. Een verschuiving in de tijd. Mijn biologische klok loopt nog op de “oude tijd”, terwijl de wereld al een uur vooruit is gegaan.

De klok dicteert een uur later. Eén uur in de tijd, dat in een mum is verdwenen. Zonder dat er iets is gebeurd. Een uur zonder oorlog, een uur zonder honger, een uur zonder herinneringen. Het glipt weg tussen twee ademteugen in. We slapen er doorheen, of we missen het wanneer we de wijzers van de klok een uur vooruitzetten. Voor degenen die nachtdienst hadden, een uur eerder naar huis, maar voor degene die hem/haar moest aflossen een uur minder slaap. De verloren tijd halen we weer het najaar in. En de belofte van de zomertijd is, dat het licht langer blijft.

Mijn handen in zijn handen. De stof van zijn handschoenen is wollig en omsluiten met warmte mijn koude handen. Zittend tegenover elkaar, onze gestrekte armen rustend op de tafel, vormen onze ineengestrengelde handen in het midden een plek van warmte waarin twee werelden samenkomen. Letterlijk uit twee landen. Hij een taalvrager uit Turkije en ik een taalcoach uit Nederland.  Stilzwijgend en zonder woorden. Terwijl mijn handen warmer worden ontstaat er in die stille uitwisseling een bijzondere verbondenheid van warmte, waarbij de tijd lijkt stil te staan. Zelfs voor een natte neus, laat ik de zakdoek in mijn jaszak zitten om dit moment vast te houden. Het moment dat twee werelden elkaar even raken, elkaar vasthouden Voor mijn gevoel een bijzonder warmvolle intimiteit. Een ogenblik in de tijd om te blijven vasthouden en nooit meer los te laten.

Elkaars warmte in handen gevangen.

 

zondag 8 maart 2026

Kan ik dichtbij je zijn...

 

Kan ik dichtbij je zijn



Afgelopen week dacht ik na over een onderwerp om een blog te schrijven. Ik kan het bijvoorbeeld hebben over het wel, of niet geloven in horoscopen, over het laten lezen van koffiedik betreffende de liefdesverwachtingen in de toekomst. En nog zoveel meer onderwerpen. Echter, de gedachten aan al die onrust in de wereld laten mij niet los. Zeker in deze periode moet ik weer denken aan wat mijn ouders en grootouders vertelden over de tweede Wereldoorlog. Hoe ze, na gevlucht te zijn, weer terugkeerden bij hun beschadigde woning. De winkelpui was er uitgeblazen en er hingen twee overleden Canadese soldaten over de toonbank. Soldaten die misschien ook een partner hadden, die ouders en familie hadden. Zoveel verdriet en pijn wat oorlog veroorzaakt. Ook herinner ik mij nog dikwijls het verdriet wat ik had, nadat ik mijn vriend in Den Helder uitzwaaide voor een vertrek van zes maanden naar zee. Het is zeker niet te vergelijken met het overlijden van een kind, of partner tijdens een oorlog.   

Kan ik dichtbij je zijn


De maan wordt versluierd door stof en rook,

sirenes loeien door stille straten,

waar is nog te schuilen

nu de aarde trilt door bommen.

 

Ik wil alleen maar dichtbij je zijn.

 

Tussen huizen met kapotte daken

is de oorlog rood en zwart.

Scheuren in muren waar stenen los van raken,

waarachter eerder werd gelachen.

 

Ik wil alleen maar dichtbij je zijn.

 

Maar je bent er niet,

ergens, ergens ver weg beland,,

strijdend aan verre grenzen

voor je cultuur en je vaderland.

 

Ka ik dichtbij je zijn.

 

Kan ik nog geloven in wat raketten beloven,

dat door deze waarheid

de wereld op vrede wordt voorbereid,

en dat verschroeide aarde weer groen wordt,

nu we op deze wijze tot hoop op vrede worden verleid.

 

Dus zeg me: kan ik dichtbij je zijn,

als raketten beloven, dat ik je hand weer kan vasthouden

je hart weer kan voelen kloppen

en ik het verlangen naar vrede kan behouden.

 

Laat tussen onze adem een kleine vrede heersen.

Ik wil alleen maar dichtbij je zijn.

 

 

 

 

 

 

woensdag 18 februari 2026

Nederlands...Optocht en Intocht

 

Optocht en intocht



Docent? Wat is het verschil tussen een optocht en een intocht? Ik heb een oefentekst  voorbereid over carnaval. Ik leg uit, dat een optocht een lange rij is met mensen, of met versierde wagens vergezeld van muziek die achter elkaar aanlopen/rijden. En dat een intocht een verwelkoming is, bijvoorbeeld van Sinterklaas. En is het dan in de tocht of op de tocht? Ik leg uit: “Je loopt in de tocht en je zit op de tocht!” Docent? Maar het tocht hier niet! Mijn cursiste kijkt rond en zegt: geen wind hier. Ze had, naar mijn idee, het ‘op de tocht zitten’, begrepen. Echter niet voordat ze ondertussen Chat GPT had geraadpleegd. Kan ik zeggen: ik tocht? Nou, nee. Je kunt wel zeggen: het tocht.  Ik vertel: tochten is een (bijzonder) zwak werkwoord en tevens een zelfstandig naamwoord. Ooh!  Ze denkt na: “De tocht met Carnaval!” Klopt, dat is een mooie zin.  Dan leest ze verder van wat ze had opgezocht: “En als er een raam openstaat, dan zit ik op de tocht”.  “Maar het tocht hier niet”.  Goede zinnen Docent?

Inmiddels hebben we het onderwerp Carnaval en de overhandiging van de sleutel door de Burgemeester aan Prins Carnaval afgesloten. Mijn cursisten maken veel gebruik van de vertaalopties op de telefoon. Soms handig, maar er zijn nu eenmaal gezegdes en uitdrukkingen, welke in hun taal anders, of niet bekend zijn. En dat kan wel eens tot hilarische situaties leiden. Of, in de meeste gevallen, verkeerd vertaald, of uitgelegd in hun eigen taal.

Tochtig

We zitten tussen de rijen boeken in een wat rustig deel van de Bibliotheek. Geregeld komen bezoekers langs onze tafel om een boek uit te zoeken. Zo ook deze vrijdagmorgen een wat oudere Heer in gezelschap van zijn vrouw. Klaarblijkelijk hadden ze een deel van ons gesprek gevolgd. Even breed lachend naar zijn vrouw waarna hij naar ons toekomt en grijnzend opmerkt: En een koe is tochtig! Niet begrijpend kijkt de cursiste mij aan. Waarop ze voorleest: “Het is in de gang tochtig”.  Heeft die koe het koud dan? Ik moet ook lachen, en bedenk mij ondertussen hoe leg ik dit uit. Maar afijn, ik hoef alleen maar verder te verduidelijken wat Chat GPT heeft aangedragen. Ze is slim genoeg om te begrijpen, dat sommige vrouwelijke dieren tochtig zijn en de mens vruchtbaar en het beiden eigenlijk hetzelfde betekent. De les die over carnaval begonnen is eindigt in praten over tochtig zijn, vruchtbaar zijn  de cyclus en zwangerschap.

Waar het praten over een tochtige gang en een tochtige koe al niet toe kan leiden. Taal blijft interessant. Maar om een andere taal te leren, maar vooral te begrijpen…